Verloop
De Brusselse telling steunt op een brede samenwerking tussen professionals en vrijwilligers uit de daklozenopvangsector, evenals een reeks partners uit verwante sectoren: ziekenhuizen, openbaar vervoer, Leefmilieu Brussel, OCMW's, enz. Deze actoren zijn betrokken bij elke stap van het proces, van de verkenningen voorafgaand aan de nachtelijke telling tot het comité dat wordt opgericht om de resultaten te bespreken.
Het is ook en vooral dankzij deze grote mobilisatie dat de drie soorten gegevens kunnen worden geregistreerd op basis waarvan statistische analyses kunnen worden gemaakt.
- De gegevens die op de avond van de telling worden ingevoerd door de verschillende opvang- en verblijfsstructuren: de nachtopvangcentra, de urgentie- of crisisopvangcentra, de opvanghuizen en de begeleidingsdiensten voor huisvesting. Bij deze cijfers komen die van de penitentiaire instellingen, de medische instellingen, de jeugdhulpinstellingen, de niet-erkende opvangstructuren, de religieuze gemeenschappen, de structuren voor asielzoekers, de onderhandelde bezettingen en de kraakpanden.
- De telling van personen die de nacht doorbrengen in de openbare ruimte. Na voorafgaande identificatie van de bezochte locaties dankzij de expertise van maatschappelijk werkers, zal Bruss'help een raster opstellen dat 70 zones in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest afbakent. Op de dag van de telling, tussen 23u en middernacht, zullen 200 vrijwilligers met grondige of gedeeltelijke kennis van het daklozenpubliek deze zones per twee doorkruisen voor de telling.
- Vragenlijsten ingevuld door OCMW's, nachtopvang- en verblijfscentra en dagopvangcentra om de verzamelde gegevens kwalitatief te verrijken en "verborgen" dakloosheid in beeld te brengen.
Methodologische vraag
Sinds de zevende editie steunt Bruss'Help opnieuw op de ETHOS Light-typologie (European Typology on Homelessness and housing exclusion) van FEANTSA (Europese Federatie van Nationale Organisaties die werken met Daklozen). Voor de vorige edities werd de ETHOS-typologie gebruikt; de overstap naar ETHOS Light zal een betere harmonisatie mogelijk maken met de andere tellingen die in België worden uitgevoerd.
Deze nomenclatuur werd opgesteld op basis van wat toegang tot huisvesting zou moeten inhouden:
- over een adequate woning beschikken die een persoon en zijn/haar gezin exclusief kan bezitten (fysiek domein)
- over een privéleefruimte beschikken voor het onderhouden van sociale relaties (sociaal domein)
- over een wettelijke verblijfstitel beschikken (juridisch domein)
Elk tekort in een van deze domeinen leidt tot een situatie van woninguitsluting. Deze typologie omvat dus alle situaties waarin een persoon zich bevindt wanneer hij/zij niet in staat is toegang te krijgen tot of te behouden een persoonlijke, permanente en adequate woning.
Uitgewerkt in een Europese context stelt de ETHOS Light-typologie statistisch robuuste categorieën voor die kunnen worden aangepast aan het nationaal beleid inzake daklozenopvang en aan de diversiteit van de culturele en sociaaldemografische contexten van elke lidstaat. Het is aan elk land om deze af te stemmen op de lokale realiteiten, door de categorieën te wijzigen of aan te vullen.
Het raster stelt zes operationele categorieën van woninguitsluting voor: personen die in de openbare ruimte leven, personen in noodopvang, personen in een opvangtehuis, personen in een instelling, personen in niet-conventionele huisvesting, personen die tijdelijk bij familie of vrienden verblijven. In België wordt operationele categorie 7 toegevoegd voor personen met dreigende uithuiszetting.
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de verschillende leefsituaties waarvoor Bruss'Help ernaar streeft zoveel mogelijk kwaliteitsgegevens te verzamelen.
ETHOS Light-typologie aangepast aan de Brusselse context

De cijfers en informatie met betrekking tot de thuisbegeleidingsdiensten, de Housing First-programma's en de nazorg na opvang worden ter aanvulling gepresenteerd.